El Chott 2005

November 2005

Maandag 7-11: Tataouine -> Zarzis (378,63 km)

Voordat ik bij de start ben moet er eerst nog even 68 km gereden worden. Ik kijk nog ff naar de olie, en tank nog wat benzine bij KH. Ik doe mijn roadbook in de houder en voer de GPS-coördinaten in die we gekregen hebben. Het is koud en ik ben vermoeid. De etappe van vandaag is lang, en ik zie er tegenop. Het zal gelukkig wel een snelle etappe worden, zonder zand, dus daar kan ik alvast naar uitkijken, want ik ben wel klaar met zand. Het laatste stuk naar de start rijden we in de mist. Onderweg hebben Marcel en Meindert nog bijna een botsing met elkaar, maar dat gaat gelukkig net goed.

Aan de start komen verschillende mensen benzine bij mij bietsen. Ik snap dat niet. Ik heb mijn zaakjes voor elkaar, en nu moet ik benzine afstaan? Ik doe het toch maar, maar het voelt niet goed. Die mensen waren namelijk allemaal de vorige dag al vroeg in de middag bij het hotel, dus ze hebben alle tijd gehad om het te regelen. Wat is dat toch dat mensen het daarop laten aankomen? Hopen ze dan echt dat iemand gewoon ‘ja’ zegt? Die sukkel is er inderdaad: ik. Ik besluit ook gelijk dat dit de laatste keer is geweest dat ik onderweg iets weggeef. Ik besteed namelijk steeds veel tijd aan de voorbereiding van elke etappen en aan wat ik wel en niet meeneem (waaronder de hoeveelheid benzine). De bedoeling is dat ik zelf zodanig voorzien ben dat ik de finish kan halen, niet dat ik anderen ga helpen: ik ben geen service truck!

De eerste 50 km van de etappe gaan erg goed. Het navigeren is overigens wel moeilijk omdat de pistes soms nauwelijks zichtbaar zijn. Al snel heb ik veel mensen ingehaald en rijdt ik alleen. Af en toe zie ik in de verte iemand rijden, en ik besluit te kijken of het lukt daarbij aan te haken omdat ze een goed tempo rijden. Ik heb wel wat problemen met mijn IMO: die geeft constant iets te veel aan. Ik moet dus vaak de afstanden corrigeren, terwijl ik aan de start ook mijn wielomtrek op de IMO al heb bijgesteld.

Zo’n 2 km na DK1 rij ik een piste in waarbij in het roadbook vermeld staat dat er veel grote stenen liggen en dat er gaten in de grond zitten. Ik zie aan de plaatjes dat er verderop ook een aantal doodskopjes staat. Dat betekent ‘gevaar’, dus ff op blijven letten. Het gaat al bijna fout als ik op een grote steen rijdt. Ik besluit om dus maar iets rustiger aan de doen. Door het gehobbel kan ik mijn roadbook en mijn IMO erg slecht lezen. Ergens moet dat doodskopje komen, en inderdaad dat kwam. 2 kuilen achter elkaar van ongeveer 80 cm diep over de volle breedte van de piste. Ik zie ze veel te laat en in plaats van gas te geven, begin in te remmen. Altijd fout natuurlijk. Ik denk dat ik zo’n 50 tot 60 km per uur reed op dat moment, niet eens zo heel hard dus. Ik klap vol met mij achterwiel op de rand van de 2e kuil. De motor komt met 2 wielen los van de grond, en gaat schreef de lucht in. Ik voel dat dit helemaal verkeerd gaat en begin al kreten van angst uit te kramen: dit gaat zeer doen! Bij het landen klapt de motor om en gooi mij er als een poppetje vanaf. Ik vlieg enkele meters door de lucht en klap vol met mij hoofd op de stenen die her en der op de piste liggen. Alles, maar dan ook alles doet me zeer: mijn handen, mijn voeten, mijn benen, mijn hoofd, m’n rug, echt alles.

Ik heb geen idee hoelang ik daar gelegen heb. Ze zeggen dat ik bewusteloos was, maar ik weet het niet meer. Zodra ik in ieder geval weer bij ben, probeer ik op te staan, maar ik zak als een vaatdoek in elkaar. Ik heb nog wel het benul om mijn hand op te steken naar een paar motorrijders die er nu aankomen, omdat ik als de dood ben dat ze over me heen rijden. Ik lig nu intussen tegen de rand van de piste aan. De leider in het algemeen klassement (ruim 15 minuten voor mij gestart, dus die had ik gewoon ingehaald!!!) geeft zijn maatje een paar opdrachten en zet zijn motor dwars op de piste. Ze helpen mij over de rand en leggen met daar. Er wordt snel schaduw voor mij gemaakt met een reddingsdekentje: waar die dingen al niet goed voor zijn. De ergste pijn begint weg te trekken, maar ik heb enorme pijn in mijn borst en mijn hoofd. Op zich ben ik redelijk aanspreekbaar, dus ik voel dat het nooit heel ernstig kan zijn. Ik hoor dat er intussen mensen terug zijn gereden naar de DK om daar door te geven dat ik een ongeluk heb gehad. Ik raak het besef van tijd een beetje kwijt, maar wat er daarna allemaal gebeurd is, komt ongeveer hierop neer:

En toen mocht ik eindelijk naar bed...

Terug naar dagboek