El Chott 2005

November 2005

Donderdag 3-11: Rustdag (maar niet voor mij)


Zodra het licht wordt, begint het om me heen te rommelen. Ik hoor gepraat en gelach, dus dan maar op staan. Ik pak nog een pakje hardkecks uit mijn rugzakje en mijn tube chocopasta, en deel uit.

Daarna aankleden en klaar maken. D'r zit bij iemand nog een schorpioentje op de tas die hij onder zijn hoofd had liggen. Levensgevaarlijk die woestijn!

Alles is vochtig geworden en het is nog best koud. Het rijden gaat perfect: de duinen zijn hard en dat rijdt fantastisch. Nu vind ik het echt leuk! Jammer dat het zo langzaam gaat. Als het café in zicht is, worden Jeroen en ik door de organisatie losgelaten: gaan met die banaan! Echt springen over de duinen en volgas waar het kan: zo moet het zijn!

Bij het café, of wat daarvoor moet doorgaan, bestel ik een colaatje en een thee. Ff bijtanken. Dan gaat het verder over de piste waarover ik gistgeren ook gekomen ben. We rijden voor de auto’s uit en wachten steeds even. Zodra ik bij Douz in de buurt ben, bel ik Marianne even om te vertellen dat alles goed is. Ze heeft alles al via de website van marathonrallye.com gehoord.

In Douz tank ik nog even, koop een zakje chips, wat cola, en gooi het snel naar binnen. We moeten nog 180 km. Naar Ksar Ghilane. Het zal uiteindelijk ver in de middag zijn voordat we daar aankomen.

Het eerste stuk is asfalt, daarna krijg ik 80 km piste voor de kiezen, zo breed als een snelweg, met een mooie glooiing hier en daar. De gashendel gaat open: met 110-120 km/u over de piste, echt helemaal te gek. Wel helemaal door elkaar geschud, maar ach, je moet er wat voor over hebben. Het laatste stuk van de piste wordt een stuk zanderiger, met van die kleine duintjes over de breedte. Ik besluit daar maar wat rustiger aan te doen. Ok het kruisen van de rivierdoorwadingen, die vaak erg stenig zijn, kijk ik extra uit. De allerlaatste 10 km gaan weer over asfalt. Intussen piept mijn motor heel raar. Ik denk eerste dat het een lager in het blok is, maar later kom ik erachter dat het de carterbescherming is. Valt dus mee.

Om een uur of drie rij ik samen met Jeroen en Marcel het kamp in Ksar Ghilane binnen, echt een oase zoals je je dat voorstelt: alleen maar woestijn met veel palmbomen. Ik neem er een douche, maar ’t is weer echt Afrikaans geregeld: vrijwel geen water uit de douchekop, alles spuit langs de stang omhoog…Met een beetje geduld wordt ik toch nog nat. Die middag besluit ik maar eens rustig aan te doen. Beetje kletsen om bij te komen. De volgende dag staat weer een duinenetappe op het programma die ze hebben ingekort van 70 naar 20 km omdat het zand zo zacht is. Ik ga hem niet doen: morgen ff uitrusten, en nog wat foto’s in de duinen maken. Het fototoestel begint overigens al behoorlijk te kraken van al het zand wat er ondanks de voorzorgsmaatregelen (ziplockje + tasje) toch in is gekomen. Wel nog ff snel mijn was uit de plastic zak gehaald, want dat zat er al twee dagen nat in, en da’s wel te ruiken ook. ’s Avonds weer het normale ritueel: met mijn bordje en bestek naar de catering truck van Pit. Ongelooflijk wat die gasten aan voer mee moeten nemen: voor 2 weken voor toch een man of 200. Daarna, zoals gebruikelijk, de route bespreking. De roadbooks worden uitgedeeld en de starttijd wordt meegedeeld. Voor mij morgen ff geen start voor mij.

Terug naar dagboek