El Chott 2005

November 2005

11 t/m 13 november: de terugreis

Vrijdag 11-11: Hammamet => haven
Vrijdagochtend slaap ik uit. Om een uurtje of acht wordt ik langzaam wakken. Nog een keer mijn motorkleding aan. Man wat stinkt dat intussen. Vooral die sokken zijn verschrikkelijk, maar mijn zweetshirt mag er ook wezen. Tijdens het ontbijt ontstaat er wat verwarring over de manier waarop we naar de haven gaan: rijden we zelf of laadt KH alles al in? Dat laatste blijkt het geval te zijn. Waarom zeg je dat dan niet even de avond van de voren? Dan had ik alles al klaar kunnen hebben?

Alles is ingepakt, alleen kunnen we niet meer meerijden. Op zich vind ik dat niet zo erg, want het vooruitzicht om in de truck te moeten zitten spreekt met niet erg aan. We nemen met z’n 6-en een taxi, da’s toch wel een stuk comfortabeler. Om een uurtje of 1 zijn we bij de haven, om een uurtje of 2 zit ik op de boot. Ik hoop dat we om 3 uur gaan varen, maar dat blijkt ijdele hoop: de auto’s blijven maar komen en maar komen. Uiteindelijk is het zes uur voordat de boot begint te bewegen. Ik heb dus weer 4 uur zitten wachten. Dat is toch wel hetgeen wat me het meeste tegenstaat: het wachten de hele tijd…

Die avond krijgen we pas om 9 uur eten. Ik trek het erg slecht omdat op de boot nergens eten te krijgen is. Ik ga dus samen met Meindert en Liam om 7 uur gewoon aan tafel zitten en begin het brood op te eten. Binnen een mum van tijd staat er een boze Tunesiër aan tafel die ons wegstuurt, maar dat broodje gaat mooi met mij mee. Dan maar weer wachten… Om 8 uur is de winkel open, en twee mensen uit de groep hebben chocolade gekocht: ik heb nog nooit zo’n aanval op chocola meegemaakt: binnen een mum van tijd was meer dan de helft ervan opgevroten en zit iedereen een beetje misselijk van de hoeveelheid zoetigheid, voor zich uit te staren.

Uiteindelijk zit ik om 9 uur achter een bord met veel te weinig eten. Ik heb ook niet zoveel trek meer. Om 10 uur lig ik in bed.

Zaterdag 12 en zondag 13-11: Terugreis
Om 9 uur gaat de wekker. Ik heb goed geslapen. Ik kan wel goed merken dat de pijnstillers zijn uitgewerkt, want mijn linkerborst doet veel pijn. Ik kan er niet op liggen in ieder geval, maar zolang ik kan slapen is het mij best zonder die pillen en prikken. Ik douche snel, en ga daarna samen met Meindert ontbijten. De ontbijtzaal is vrijwel leeg. Nergens meer een schoon bordje te bekennen. Ik scharrel wat brood en beleg bij elkaar. Ongelooflijk hoe ‘taakvast’ het bedienend personeel is: niemand vraagt of ik misschien nog wat eten wil, niemand brengt mij een bordje, iedereen gaat gewoon door met afruimen…toch een cultuurverschil? Uiteindelijk krijgen we toch nog wat croissantjes geregeld en een kopje koffie.

De rest van de dag is vooral wachten. Ik vul mijn tijd met kletsen en adressen uitwisselen. Ik probeer intussen erachter te komen wie mijn gele rugzakje heeft meegenomen vanaf het strand. Bij toeval kom ik erachter dat dat de arts is geweest die mij verzorgd heeft na mijn val. Nu nog ff ervoor zorgen dat ik hem vind voor hij van de boot verdwijnt. Ik spreek nog ff met René, een Duitser die ook bij KH zijn service had geregeld. Ik vraag hem hoe hij in Genua is gekomen. Hij vertelt me dat hij met een luxe bus hierheen is gekomen. Ik vraag hem gelijk even of hij kan informeren of ik niet met hen mee terug kan rijden. Ik zie namelijk als een berg op tegen de terugreis in de truck van KH. Het zou me heel wat waard zijn om wat comfortabeler te zitten.

Om een uur of 3 in de middag loopt de boot de haven van Genua binnen.

Ik loop even met de arts mee om mijn rugzakje terug te krijgen. Het lukt alleen bijna niet om bij de auto te komen: alles staat zo enorm dicht op elkaar gepakt. Uiteindelijk heb ik mijn zakje en loop de trap op om mij aan te sluiten in de rij wachtenden voor de uitgang. Het gaat er weer typisch noord Afrikaans aan toe: iedereen wil als eerste naar buiten, dus het is enorm dringen. De Italiaanse douane laat maar mondjes maat mensen door, dus ik sta minstens een half uur in de rij voordat ik eruit mag. Gelukkig is er voor de paspoortcontrole wel een ‘EU-passenger’ rij, waar ik zo kan doorlopen.

Ik loop samen met Meindert naar een parkeerplaats verderop waar ik de truck van KH al zie staan. Intussen begint het langzaam te regenen. René verteld me dat hij een plekje voor mij geregeld heeft: helemaal perfect! Ik heb nog tijd zat om even naar de COOP te lopen om wat inkopen te doen. Intussen is het opgehouden met zacht regenen: het stort!

Om een uurtje of zes kan ik instappen en begint het busje te rijden. Ik heb zeiknatte voeten, maar gelukkig is het warm binnen. Meindert, Marcel en Jeroen blijven nog achter op de parkeerplaats. KH moet namelijk wachten tot 2 motoren worden opgehaald door anderen. Die blijken alleen niet te komen. Als ik Meindert om 8 uur nog een SMSje stuur, blijken ze nog steeds op de parkeerplaats te staan. Om kwart over 8 smst Meindert dat ook zij zijn gaan rijden.

Ik probeer onderweg wat te slapen, maar de lukt niet zo best. We stoppen nog een paar keer en het is echt koud. Om 3 uur ’s nachts zijn we in Rosenheim. Hier heeft René zijn camper staan. Hij biedt mij aan dat ik nog een paar uurtjes bij hem in de camper kom slapen, nou dat sla ik niet af! Eerst gaan we nog even naar binnen bij een van de chauffeurs. Zijn vrouw heeft broodjes, koffie en thee voor ons gemaakt. Wat moet het goed voelen om nu al thuis te zijn…Ik wou dat ik hier woonde.

Om 4 uur kruip ik mijn slaapzak in. Ik wordt nog wel een paar keer wakker, maar als er uiteindelijk om 8 uur iemand op de deur klopt, heb ik toch een paar uurtjes kunnen slapen. Niet gek. Tegen de afspraken in, moeten we toch zelf naar Grafing rijden. Ik stap in en om 10 uur zijn we bij KH. De andere jongens blijken er al even te zijn: de motoren zijn al opgeladen en de spullen ingepakt. We spuiten de motoren nog even af, en dan om 11 uur gaan we eindelijk rijden. Ik ben moe, erg moe. De reis duurt lang. Onderweg laat ik mijn windstopper fleece nog in een restaurant hangen. Kan er ook nog wel bij. Halverwege de middag nemen Meindert en ik afscheid van Jeroen en Marcel. Zij rijden over Venlo, wij rijden over Arnhem.

Uiteindelijk zijn we in 10 in de avond in Huizen. Ik heb nog gehoord van Marianne dat een aantal forumleden ons nog wilden verwelken. Dat doet me erg goed: erg leuk dat er zoveel mensen hebben meegeleefd. Nu ben ik echt moe, en een half uur later lig ik in bed. Ik slaap ondanks de pijn in mijn ribben best goed. De 2 dagen daarna ben ik ziek en ik slaap heel veel. De inspanning die ik geleverd heb dringt nu pas echt tot me door. Mijn lichaam wil nu alleen nog maar uitrusten, en ikzelf eigenlijk ook.

Terug naar dagboek